jul 31. 2026 | Interview
Het Zandeweerster ZEC was afgelopen seizoen in de race voor een terugkeer naar de vierde klasse. Uiteindelijk slaagde de ploeg van trainer Jur Smit er niet in om die sprong te maken. ‘Misschien hadden we in de nacompetitie de penalty’s beter moeten nemen’, blikt Jur Smit terug. Dit jaar viert de oefenmeester zijn 40-jarig jubileum als trainer. Opmerkelijk feit is dat het hem nog nooit is gelukt om met een van zijn clubs kampioen te worden. Wellicht slaagt hij er samen met het eveneens jubilerende ZEC dit seizoen wel in om de stap omhoog te zetten.
ZEC viel in het seizoen 2024/2025 na twee voetbaljaren roemloos uit de vierde klasse. In de voorbije competitie herstelde de ploeg zich onder Winsumer Jur Smit. De conciërge van het Kamerlingh Onnes in Groningen wist de ploeg weer aan het voetballen te krijgen en de zon begon spreekwoordelijk weer te schijnen. Uiteindelijk eindigde ZEC op de vierde plaats en mocht het via de nacompetitie proberen om weer in de vierde klasse terug te keren. Het bezoekende LEO uit het Drentse Loon versperde na een lange strafschoppenserie echter de weg naar de finale en het zo felbegeerde ticket. En dus moeten de Zandeweersters het dit seizoen opnieuw proberen. Een teleurstelling volgens Smit die niet aan de instelling van de spelersgroep te wijten was. ‘Zeker niet, die was fantastisch. Een oorzaak aanwijzen is niet zo eenvoudig als het lijkt. Die heb ik zelfs nu niet even paraat. Of het moet al zijn dat we de penalty’s tegen LEO beter hadden moeten nemen.’
Jur Smit staat bekend als iemand die geen blad voor de mond neemt. ‘Dat klopt helemaal. Duidelijkheid en direct zijn heeft zijn voordelen, al kleven er ook nadelen aan. Soms moet je wel eens schipperen omwille van het team of omdat de situatie er om vraagt. Je moet niet vergeten op wat voor niveau we acteren. Dan heb je ook nog de inbreng van het team die soms van de regels wil afwijken omdat het op dat moment de beste oplossing is. Daar moet je als trainer wel voor open staan. Ik verwacht echter dat afspraken die we maken nageleefd worden. Daar wordt niet aan gemorreld.’
Voorbeelden van excuses waar je bij de oefenmeester niet mee moet aankomen zijn er voldoende. ‘Studie of werk is een reden om af te zeggen. Al wordt daar soms ook wat te gemakkelijk mee omgegaan. Ik laat meestal wel merken dat ik het vreemd vind als men afzegt voor een verjaardag van opa of oma, een etentje, een koppelviswedstrijd of niet over vervoer kunnen beschikken. Men denkt naar eigen goeddunken dat dit een reden is om af te zeggen. Ik leg me er bij neer, maar denk er wel het mijne van. Je kunt er van alles van vinden en blij zal ik er ook niet van worden, maar stelregel is nog altijd dat je het moet doen met de mensen die er wel zijn.’
De man die vrijwel altijd met voetbal bezig is, heeft al wat clubs op zijn CV staan. Daaronder bevinden zich de regionale clubs als Warffum, Noordpool UFC en Poolster. Verenigingen waar hij prettige herinneringen aan over heeft gehouden en nog altijd met open armen wordt ontvangen. Over zijn directe benadering zegt de Winsumer: ‘Ik hou van duidelijkheid en verbaas me wel eens over zaken die op en vooral rond het veld plaatsvinden. ‘Er kunnen momenten zijn dat je als speler, trainer of bestuur tegen meningsverschillen aan loopt. Daaruit worden in mijn ogen vaak conclusies getrokken of beslissingen genomen dat ik denk, waar hebben we het over. We spelen op amateurniveau. Wat ik er van denk als een trainer de laan uit wordt gestuurd? Zo’n man doet zijn werk naar eer en geweten. Misschien had een bestuur vooraf zijn huiswerk beter moeten doen om te kijken of het profiel van de beoogde coach wel goed bij de club past.
En kennelijk past het groen met wit wel bij Smit. Hij heeft in zijn eerste jaar iets weten te bewerkstelligen binnen de dorpsclub en hoopt er in zijn jubileumjaar de vruchten van te plukken. ‘Mijn idee over het spelletje is misschien anders, maar de invulling blijft het zelfde. Je wilt als trainer het maximale uit spelers zien te halen. Ik heb het geluk dat ik al jaren in het onderwijs werk en dat je de veranderingen in hun beleving en instelling van dichtbij meemaakt. Men vindt tegenwoordig niet alleen voetbal leuk. Er komen zoveel andere dingen om de hoek kijken. Er wordt vaak voor iets anders gekozen dan spelen voor de eigen vereniging. Dan mis ik soms de toewijding om alles voor hun cluppie te geven. Daarnaast is voor sommige spelers zelfreflectie wel eens heel moeilijk, terwijl daar juist heel veel uit te halen is om beter te worden.’
De Zandeweersters nu te maken met de degradanten SV De Heracliden en De Fivel, het onbekende GEO en bijvoorbeeld nieuweling VV De Marne. Over de kansen voor zijn ploeg zegt Smit: ‘Beide eerstgenoemde verenigingen zijn kandidaten voor de bovenste plaatsen. Van GEO heb ik begrepen dat ze gaan verjongen. Met de nog altijd aanwezige selectie zullen ze zich echter ook wel weer bovenin melden. Van fusieclub vv De Marne verwacht je dat er een selectie ontstaat die zich eveneens wil meten met de bovenste plaatsen. Dus verwacht ik dat we ons met de andere ploegen kunnen opmaken voor een pittige competitie, dat we ons hopelijk op een net zo mooie competitie als afgelopen jaar kunnen verheugen en ons net zo kunnen profileren.’
In de selectie van ZEC zal alleen Elvis Hedzic ontbreken. De steunpilaar in de defensie van de groenwitten is naar BATO vertrokken. Nieuw zijn Melvin Buurlage (VVG), Martin Swart (Usquert), Ibo Doornbos (Noordpool UFC) en Dillan Westerink (Blauw Geel ’15). Smit verwacht komend seizoen iets extra’s van de jongens met de nodige ervaring. Hij ziet in aanvoerder Kjell Posthumus bijvoorbeeld een echte leider. ‘Het is daarnaast ook een fantastische gozer voor trainer en ploeggenoten. Hij is verbaal sterk, ziet het spel en heeft een duidelijke mening. Daarnaast hebben we met Kevin ‘Messi’ Lantinga, Melvin en Youri Buurlage een aantal jongens die verbaal altijd wel aanwezig zijn en ook de kwaliteiten hebben om iets extra’s aan het team toe kunnen voegen.’
Los van het feit of ZEC in staat moet worden geacht om opnieuw een gooi naar de prijzen te doen, is voor Smit het seizoen geslaagd als niet alleen de randvoorwaarden, maar ook prestaties en instelling van de spelers kloppen. ‘Op het moment dat je aan het einde van de rit kunt zeggen, er zat een idee achter de manier waarop wij wilden spelen en dat hebben we weten uit te voeren? Dan weet je dat we het goed hebben gedaan. We moeten als groep plezier uitstralen. Laten zien dat we een eenheid zijn en saamhorigheid tonen. Dat zijn voor mij binnen ZEC toch wel de belangrijkste kernpunten. Het is een kleine vereniging waarin we alles samen moeten doen. Dat geldt voor het eerste elftal, het tweede team en ook de dames. Daar hoop ik dan wel een steentje aan bij te hebben kunnen dragen. Als je alles geeft en je verliest, dan verlies je ook weer niet maar was de tegenstander gewoon beter.’ (foto: ©Milou van der Meer / Studio Fleurig).
jul 29. 2026 | Interview
RZ Baflo is de laatste jaren aan het pendelen tussen de vierde en de vijfde klasse. In het seizoen 2021/2022 daalden de roodzwarten af naar de vijfde klasse. Een jaar later werd de stap omhoog gemaakt, maar volgde een roemloze aftocht. Twee seizoenen geleden werd er een nieuwe poging gewaagd om hogerop te komen. Toen ging het in de nacompetitie mis. Het afgelopen voetbaljaar was het dan uiteindelijk raak. Onder Rick Werkman werd op imposante wijze de titel gepakt en dus mag RZ Baflo het opnieuw in de vierde klasse gaan proberen.
Als hoofdcoach is Rick Werkman, Bafloër in hart nieren, een vrij onbeschreven blad. Hij voetbalde zelf in de jeugd van de roodzwarten en reikte tot en met het tweede elftal. Op de vraag hoe het komt dat hij de stap naar de hoofdmacht nooit heeft kunnen maken, zegt de 30-jarige gekscherend: ‘Dat ik nooit ben doorgebroken blijft een enorm raadsel voor mij.’ Om er op meer serieuze toon aan toe te voegen; ‘Ik was geen fantastische voetballer. Probeerde altijd zo goed mogelijk mijn best te doen en kon op inzet aardig mee. In de jaren dat ik voetbalde heb ik wel altijd enorm veel plezier gehad en in leuke elftallen mogen spelen. Toen ons tweede elftal jammerlijk uit elkaar viel was ik er wel klaar mee. Ik was toen al trainer van de JO13 en haalde daar meer plezier uit dan zelf te voetballen.’
Toch heeft hij als speler wel hoogtepunten mee mogen maken. ‘De periode dat ik in de B1 en de A1 van Baflo speelde was een prachtige tijd. Je speelde in een team met al je vrienden, werden in de B1 kampioen en kwamen ook nog wat rondes verder in de beker. De wedstrijd die we toen uit tegen NEC Delfzijl speelden vergeet ik nooit meer. We moesten heel diep gaan om de volgende ronde te bereiken. Tegen een ploeg die ook nog eens een klasse hoger speelde. De ontlading na de 0-2 was echt grandioos. En wat ook zeker niet vergeten mag worden is dat wij in de A1 een half jaar ongeslagen wisten te blijven. Het dieptepunt was toch wel dat ons elftal waar we mee in de jeugd speelden uit elkaar viel. Het blijft in mijn ogen eeuwig zonde dat sommige jongens zijn gestopt of naar andere elftallen gingen. Maar ja, daar is niks aan te doen.’
Als trainer zette hij zijn eerste schreden samen met clubgenoot Martijn Buma, die hij als een ‘goede vriend’ omschrijft. ‘Hij kwam op een bepaald moment naar mij toe met de vraag of ik het zag zitten om samen met hem de JO13 te trainen. Dat leek me wel wat. Toen de fusie met Warffum er kwam en het SJO ‘t Hogeland werd, stopte hij met training geven en ging ik samen met Martijn Huizinga verder .’ Vanuit die basis volgde Werkman de weg als coach, met Bert Riemeijer nast hem, richting de JO17 en JO19. Er werden fraaie successen behaald, met onder andere twee kampioenschappen. Daarna kwam Werkman bij het tweede team van de club terecht. ‘Samen met mijn huidige leider Jaap de Vries werden we in ons eerste jaar kampioen. Het tweede jaar gingen we een klasse omhoog en verliep het allemaal iets minder vloeiend. We waren toen ook een aantal belangrijke pionnen kwijt geraakt.’
Vervolgens werd de stap naar de hoofdmacht van de roodzwarten gezet. Wat hem als voetballer nooit lukte, presteerde hij dus wel als trainer. Hij had inmiddels zijn diploma VC2 (voorheen UEFA C) op zak, waarbij een groot woord van dank wordt uitgesproken richting zijn stagebegeleiders. ‘Marc van Meel is de trainer waar ik ongelofelijk veel van heb geleerd. Het was erg prettig om met hem mee te lopen. Hij heeft me in dat half jaar dat hij hier trainer was heel veel meegenomen in de dingen die hij deed en vertelde hoe hij dingen aanpakte. Het was voor mij als beginnend coach erg fijn om met zo’n grote trainer mee te mogen lopen. Daarnaast is hij ook een ongelofelijk fijne vent. Ook huidig Warffum-trainer Nico de Vries is iemand van wie ik veel heb geleerd. Hij was mijn praktijkbegeleider voor de VC2-cursus. Ik heb veel met hem gesproken en na de trainingen zaten we vaak heel lang na om alles nog een keer door te nemen. Het was een hele prettige leermeester.’
Werkman volgde begin vorig jaar Van Meel op. Die was nog maar een aantal maanden hoofdtrainer bij RZB, waar men wel wist dat hij vroeg of laat naar Spanje zou emigreren. Dat werd vroeger dan de club waarschijnlijk had gehoopt en dus werd Werkman de verantwoordelijke man. Hij vindt het lastig om zichzelf als trainer te omschrijven en laat het aan anderen over om hem op zijn kwaliteiten te beoordelen. Wel wil hij kwijt het erg leuk te vinden om trainingen voor te bereiden en met een team bezig te zijn. ‘Op deze manier hoor je nog ergens bij. Je bent ergens mee bezig en dat maakt het leuk. Zeker als je vanuit de teams die je traint veel waardering krijgt, zoals bijvoorbeeld het de JO19 die ik vier jaar heb getraind. Met die mannen heb ik een mooie seizoenen meegemaakt. Dat voelde net zo als toen wij dat zelf hadden in de A-junioren. Een echt vriendenploegje. Het klikte vrij aardig tussen de ploeg en mij als trainer. Als dat het geval is, ben je bereid om veel te doen voor de ploeg. Andersom is dat net zo. Dat maakt uiteindelijk de succesformule denk ik. Zolang de klik onderling goed is kun je veel bereiken.’
Het is volgens hem zeker niet altijd hosanna geweest het afgelopen seizoen, maar vindt dat je daar goed mee moet kunnen omgaan. ‘Bij ons kan het soms ook wel knetteren hoor. Dat hoort er nou eenmaal bij. Maar hoe lastig het soms ook is, uiteindelijk kom je er altijd wel uit. Wij hebben het geluk gehad dat we een prachtig seizoen hebben meegemaakt met een mooie bekroning. De kracht van het huidige RZ Baflo is de prettige mix van jonge honden en ervaren routiniers. De onderlinge band tussen de spelers is erg goed. Het is echt een team. Iedereen wordt gewaardeerd. Ik ben van mening dat we onze successen te danken hebben gehad aan de mooie mix van spelers en de teamgeest. Dat zijn onze grootste krachten geweest.’
RZ Baflo mag nu dus proberen om wat langer dan een seizoen in de vierde klasse te blijven. De huidige selectie blijft grotendeels intact. Nick Lukassen is gestopt en William de Roo heeft zich gemeld bij de 35-plussers van de vereniging. Daarnaast heeft Werkman twee nieuwelingen mogen verwelkomen. Dat zijn Bjorn Schutter van Winsum en Sil Bijsterveld van vv Warffum. Hij kan zijn gedachten nog over het nieuwe seizoen laten gaan terwijl hij op zijn fiets door het Hogeland toert of met vrienden op pad is. Duidelijk is in ieder geval dat het geen eenvoudige klus gaat worden om het elftal nog een keer naar grote hoogten te stuwen.
‘We wilden allemaal graag naar de vierde klasse. Dat hebben we gehaald. Nu moeten we aantonen dat we er ook daadwerkelijk zijn gekomen om te blijven. Vorig jaar heb ik al geroepen dat we bij ons zelf moeten blijven, dit jaar zeg ik het weer. Ik ben ervan overtuigd dat we mee kunnen. Maar ongeslagen kampioen worden in de vijfde klasse is wel even wat anders dan zomaar even door de vierde klasse fietsen. We zullen onze schouders er weer onder zetten om ons doel te bereiken. Met een flinke scheut Bafloër grinta in het spel. We weten wat ons te doen staat.’
Tenslotte leggen we Werkman de vraag voor wat zijn ambities zijn. Meer diploma’s en wellicht hogerop? Zijn antwoord is veelzeggend. ‘De vraag is al wel eens voorbij gekomen, maar op dit moment heb ik er nog nooit echt bij stilgestaan. Eigenlijk ben ik nu al trainer van de club waar mijn hart ligt. Mocht ik hier tot in lengte van jaren trainer mogen blijven? Ik zou er meteen voor tekenen.’ (foto: ©:Ronnie Afman).
jul 28. 2026 | Atletiek
Afgelopen week nam Mara Kuipers, atleet van de Loopgroep Bedum, samen met schoonzus Monique deel aan de 108e editie van de Vierdaagse van Nijmegen.
Onder prima weersomstandigheden werd van dinsdag tot en met vrijdag elke dag een afstand van ongeveer veertig kilometer gewandeld. De laatste dag was de afstand zelfs nog iets langer met 44,5 kilometer. Kuipers, die toch al vier keer een hardloopmarathon (42,2 kilometer) voltooid heeft, vond het ondanks de goede voorbereiding ‘pittig’, ‘Ik ben blij het een keer gedaan te hebben. Het is een topevenement met een geweldige sfeer en goed georganiseerd’. Aangemoedigd door de vele toeschouwers op deze laatste etappe konden beiden op de ‘Via Gladiola’ het felbegeerde kruisje in ontvangst nemen. Na afloop zei ze dat ze liever hardloopt dan vier dagen wandelen. Op bovenstaande foto vanaf links Monique en Mara Kuipers tijdens de Vierdaagse in de Couwenbergstraat.
jul 23. 2026 | Interview
Het gras willen opvreten, je spierballen laten zien en lef tonen, dat is wat doelman Sander Adema van het voormalige Kloosterburen voor ogen staat. Zaken die hij tijdens het WK bij Oranje heeft gemist. De 30-jarige zal dat komend seizoen bij de nieuwe fusieclub vv De Marne moeten laten zien. Maar hij is niet de enige, want ook Robin Werkman van FC LEO is een goede kandidaat om onder de lat plaats te nemen. En misschien komt er nog wel een derde bij van VVSV ’09. ‘We gaan wel zien wat het wordt. Ik heb er in ieder geval veel zin in’, zegt de man die wel van een beetje risico nemen houdt en vergroeid is geraakt met sportpark Westerklooster.
Toen hij een jaar of vier was, ging in huize Adema de telefoon. De vv Kloosterburen hing aan de lijn. Of zoon Sander trek had om met de F-jes mee te doen in een wedstrijd tegen het Zoutkamper Zeester. Hij ging en werd meteen onder de lat geplaatst. ‘En eigenlijk ben ik er daarna nooit meer onder weg gehaald’, lacht de magazijnbeheerder.
Ballen tegenhouden lag hem kennelijk wel. En natuurlijk ging er wel eens wat mis, maar de vaardigheden waarover een goede doelman moet beschikken, werden hem al snel aangeleerd. Kloosterburen was zijn eerste club en zou ook de enige worden. ‘Ik heb me altijd enorm thuis gevoeld op Sportpark Westerklooster. Een mooi voorbeeld? Een aantal jaren geleden veranderde er heel veel binnen het eerste elftal. De oudere garde stopte of ging in het tweede team voetballen. Dit had te maken met veranderde thuissituaties, blessures of leeftijd. Het was wel een kantelpunt, want er moest eigenlijk een nieuw eerste elftal komen. Dat hebben wij op dat moment gedaan met voornamelijk jonge jongens in de leeftijd van 15 tot 17 jaar. Die werden doorgeschoven naar het eerste elftal. Als club zijnde doe je dit liever niet, maar het kon op dat moment niet anders.’
Al deze jongens bleven, werden ouder en groeiden mee in het niveau van de vijfde klasse. Adema: ‘We werden daardoor hechter als groep en kunnen nu wel concluderen dat we een bijzonder elftal waren. Het was niet alleen het vlaggenschip van de vereniging, maar ook een echte vriendengroep waarin het niet alleen maar om voetbal draaide. Dat gold evenzeer voor de gezelligheid. Soms was het misschien wel iets te gezellig.’ Op een wat meer serieuze toon vervolgt Adema; ‘Ik ben niet van het overstappen naar een andere club. Als ik een mooie aanbieding had gekregen, zou ik er misschien even over nadenken om dan vervolgens toch maar weer op het fietsje naar Westerklooster te rijden. Kloosterburen is altijd mijn club geweest.’
Op zijn vijftiende trainde hij al één keer in de week mee met eerste elftal mee en ging als dat kon mee als reservekeeper bij wedstrijden. Zijn eerste optreden was op de eerste dag van april in 2012. Het betrof een uitwedstrijd bij vv Kwiek in Hoogezand. ‘Wij speelden eerst met het tweede elftal uit bij Groen Geel in Groningen en zijn daarna doorgereden naar Hoogezand waar ik aanschoof op de bank. In de rust ben ik toen voor Lex Stok ik het veld gekomen en heb de tweede helft mogen keepen.’
De laatste keer dat Sander Adema onder de lat stond was op 19 juni tijdens de wedstrijd tussen een team van Hogeland en Eemsdelta. In de sauna van Ten Boer speelde hij als enige een hele wedstrijd. En ook toen liet hij zien dat hij zowel in de lucht als over de grond sterk kan zijn. Daarnaast viel ook zijn aandeel in het coachen van het team op en toonde hij aan oog te hebben voor een goede spelhervatting. Facetten die hij zelf ook opsomt, al is hij dan ook van mening dat anderen hem beter kunnen omschrijven.’
Dat het keepersvak ook zijn minder leuke kanten heeft, beseft Sander Adema maar al te goed. ‘Als je op een regenachtige zaterdag met een gevoelstemperatuur van zes graden in de min in je eigen zestien meter staat te bibberen is het niet altijd een pretje. Daarentegen, als je op zo’n dag belangrijk kan zijn voor het elftal en de punten kan pakken, dan geeft dat ook wel weer een kick.’
Ook het feit dat je de ene wedstrijd de uitblinker bent en de week daarop een grabbelaar, maakt het vak volgens hem leuk en uitdagend. ‘De verschillen zijn wat dat betreft erg klein. Een held of een schlemiel kan tijdens een wedstrijd zomaar in het zelfde doel staan. Ik kijk altijd met veel plezier naar goalies als Manuel Neuer of Etienne Vaessen. Die zijn gewoon een beetje gek op bepaalde momenten. Daar kan ik soms enorm om lachen. Ze durven risico’s te nemen en gaan ook wel eens de mist in, maar vreten het gras op als daar om gevraagd wordt. En die houding ligt mij wel.’ Ook kon hij altijd genieten van doelmannen als Edwin van der Sar en Gianluigi Buffon. Twee keepers die zelfs op latere leeftijd nog tot de allerbesten behoorden. ‘Het is toch geweldig als je ziet wat zij nog presteerden terwijl anderen misschien al lang zouden zijn afgeschreven?’
Gevraagd naar hoogtepunten stipt Sander Adema de promotie naar de vierde klasse aan in het seizoen 2011/2012. ‘Ondanks dat mijn inbreng dit seizoen niet heel groot was, mocht ik het als jonge jongen wel meemaken. Ook de promotiewedstrijd tegen SVBC in het seizoen 2022/2023 behoort hier wel toe. Het was een dag waarop het kwik richting de tropische waarden ging. Na negentig minuten stond de brilstand nog op het bord en dus moest er verlengd worden. Pas in de 114e minuut kregen we de 1-0 om de oren, en daarna waren we gebroken. Uiteindelijk verloren we met 4-0, maar dit zijn wel wedstrijden die je graag wilt spelen. Met de bus heen, veel supporters, vuurwerk. Dat zijn toch de mooiste ingrediënten voor zo’n potje voetbal.’
Sportieve dieptepunten zijn er voor hem niet echt geweest. Wel kreeg de club het flink voor de kiezen toen Milan Bos, op dat moment de keeperstrainer, in 2014 door een noodlottig ongeval uit het leven werd weggerukt. Ook de hele kwestie rondom de spraakmakende moord op Jesse van Wieren tijdens de jaarwisseling van 2016 heeft volgens Adema zijn sporen achtergelaten. ‘Dat zijn dingen die je nooit meer vergeet en maar weer eens laten zien hoe betrekkelijk het leven eigenlijk is.’
Inmiddels zitten de eerste trainingen van de vv De Marne er op. Onder leiding van oefenmeester Willem Kluin, bij Kloosterburen ook al de coach van Sander Adema, blijkt de animo groot te zijn om er het komende seizoen samen een mooi avontuur van te maken. ‘Moet je nagaan dat we bij Kloosterburen vaak met een man of twaalf trainden. Soms iets meer, maar vaker nog minder. De laatste training konden we nu zelfs een partijspel spelen van elf tegen elf, inclusief een wissel. Dat is toch een weelde? Dat zegt ook wel iets over de fusie. Iedereen is benieuwd hoe dit gaat uitpakken.’
Het moge duidelijk zijn, Sander Adema is gretig. Hij kan nog steeds groeien en van waarde zijn voor de nieuwe vereniging. Aan stoppen denkt hij dan ook nog lang niet. Maar mocht het ooit zo ver komen? Dan wil hij wel keeperstrainer worden en de voorbeelden doorgeven die hem door Gerke Kersaan zijn aangereikt. De man die verder keek dan alleen maar het voetballende aspect. Doelwachters naar een hoger niveau tilde. Of misschien wordt hij wel elftalleider. Zorgen dat alles een beetje op orde is. De opties liggen wat hem betreft open om er tenslotte gekscherend aan toe te voegen; ‘Zullen we dan maar een dubbelfunctie doen?’
jul 22. 2026 | Tennissport
De tafeltennissers van Klimaatgroep Stars uit Middelstum beginnen de nieuwe competitie komend najaar met een uitwedstrijd tegen landskampioen Hilversum. In september, oktober en november wordt er telkens één zondagmiddag gespeeld in de Hippolytushal. Op zondag 20 september komt NewMountain/Hercules op bezoek. De selectie van de eredivisionist wordt uitgebreid met Lisa Lung.
Klimaatgroep Stars bestaat uit Clement Chobeau, Alexis Douin, Jann Mari Nayre, Shuohan Men, Colin Rengers en Lisa Lung. Laatstgenoemde is dus nieuw in de selectie van teammanager Jan Tammenga. De overige vijf spelers maakten ook afgelopen seizoen al onderdeel uit van de selectie die in het najaar van 2025 de finale van de play-off wist te bereiken en afgelopen voorjaar in de halve finale strandde.
Lung is een 27-jarige Belgische speelster, geboren in Sint-Truiden. Ze bracht een deel van haar jeugd door in China. Ze groeide uit tot Belgisch kampioene, won internationale jeugdtitels en vertegenwoordigde België op EK’s en WK’s. Lung is een bekende van Shuohan Men en traint ook geregeld in Middelstum.
Het programma van de Eredivisie najaarscompetitie ziet er als volgt uit:
– Zondag 13 september 14.00 uur: Hilversum – Klimaatgroep Stars
– Zondag 20 september 14.00 uur: Klimaatgroep Stars – NewMountain/Hercules
– Zaterdag 26 september 15.00 uur: van Wijnen/Smash ’70 – Klimaatgroep Stars
– Zondag 4 oktober 14.00 uur: Klimaatgroep Stars – Taverzo
– Zondag 18 oktober 14.00 uur: VeerhuisWessem/Westa – Klimaatgroep Stars
– Zaterdag 24 oktober 16.00 uur: Tempo Team – Klimaatgroep Stars
– Zondag 8 november 14.00 uur: Klimaatgroep Stars – Gorkum
De top vier van deze competitie plaatst zich voor de play-offs om het najaarskampioenschap. De nummers vijf tot en met acht spelen play-outs met handhaving in de Eredivisie als doelstelling.
De voorbereiding op het seizoen 2026/2027 vindt ook al deels plaats in de Hippolytushal, aan de Coendersweg 27A in Middelstum. Op zondag 30 augustus wordt namelijk het traditionele TOP 20-toernooi gespeeld met als deelnemers de selectie van Klimaatgroep Stars en daarnaast diverse internationale topspelers.
jul 22. 2026 | Atletiek
Vijf atleten van de Loopgroep Bedum hebben het afgelopen weekend aan een drietal evenementen deelgenomen. Het verst van huis nam een trio deel aan de Eiger Ultra Trail in Zwitserland. Dichter bij huis werd er in Groningen en Diever gelopen.
Met afstanden variërend van 20 tot 200 kilometer en veel hoogtemeters was de Eiger Ultra Trail een serieuze inspanning. Chris en Inge Ruigendijk en Edward Pechler waren goed getraind om deze uitdaging aan te gaan. Chris Ruigendijk en Edward Pechler gingen zaterdagmorgen om vier uur van start op de E101, een trailrun over 101 kilometer met ruim 6000 hoogtemeters. Inge Ruigendijk ging later van start voor de E35 met 35 kilometer en 2400 hoogtemeters. Chris Ruigendijk wist deze monsteruitdaging met succes te volbrengen. Hij genoot met volle teugen ondanks extra kilometers ten gevolge van slecht weer. Na 21 uur en 32 minuten wist hij de 105 kilometer te voltooien. Inge Ruigendijk leverde eveneens een sterke prestatie en finishte de 36 kilometer in 7 uur en 25 minuten. De onfortuinlijke Pechler moest deze race voortijdig beëindigen door een probleem met zijn enkel. Hij klokte op de 18 kilometer 3 uur en 12 minuten.
Alex Oskam nam deel aan de vijfde editie van de Kardingebultra in Groningen. Op een parcours van 6,7 kilometer met daarin opgenomen de 32 meter hoge Kardingebult, moeten de deelnemers elk hele uur op tijd binnen zijn om te mogen starten voor de volgende ronde. In de laatste van de 24 ronden gaat het er om wie de snelste is. De start was zaterdagmiddag om twee uur. Met prima weersomstandigheden had Oskam had zijn zinnen gezet op 24 ronden, maar hij kreeg in de nacht lichamelijke problemen. Toch wist hij een vijftien ronden te voltooien en kwam tot een afstand van 102 kilometer in een looptijd van 10 uur en 47 minuten, goed voor een nieuw ultraloop clubrecord mannen 55+ voor de loopgroep.
Op zaterdag kwam Sander de Vries in actie in Diever. Hij deed mee aan de Midzomeravond Marathon en kwam uit op de 10,7 kilometer. Op de meet klokte hij 1.04.03 uur. Op de foto vanaf links Chris Ruigendijk, Edward Pechler en Inge Ruigendijk bij de start van de Eiger Ultra Trail in Zwitserland. Rechts Alex Oskam tijdens de Kardingebultra.