Je kunt veel van Henk Alssema zeggen, maar niet dat hij in de afgelopen decennia veel clubs heeft versleten. Sterker nog, sinds het voetbaljaar 1996/1997 zijn dat er maar vier geweest. De man die zijn contract met vierdeklasser SIOS met een jaar verlengd heeft zien worden, zegt daarover; ‘Ik ben nogal honkvast. In Sauwerd zijn ze kennelijk nog niet klaar met mij en ik nog niet met SIOS. Er kan nog veel meer uit de huidige groep gehaald worden. Daar zijn we van overtuigd. Ik ben dan ook blij dat me de tijd wordt gegund om dat te bewerkstelligen.’ Mede-eigenaar van Manege Winsum en Voetbaltechniekschool Het Verschil, Jeugdtrainer, vrouwentrainer HJO vv Winsum en assistent-trainer. De Winsumer heeft het allemaal op zijn cv staan. Als voetballer begon hij bij Aduard 2000 en kwam vervolgens bij clubs als Velocitas, Hunsingo, vv Winsum en in de zaal bij Real Cameradas terecht. Op het gebied van coaching begon hij als jeugd- en vrouwentrainer van Aduard 2000. Het trainen van voetballende vrouwen lag hem kennelijk wel, want Alssema maakte in 2005/2006 de overstap naar de dames van Hunsingo. ‘Het was destijds een lastige opgave om trainers te vinden voor damesteams. Ik durfde dat wel aan en heb het uiteindelijk tien jaar met veel plezier gedaan. Daarnaast was ik samen met Egbert Darwinkel het trainersduo bij de mannen waarbij ik met name de veldtrainingen leidde en Darwinkel de wedstrijden. Daarna wilde ik weleens mannen trainen. Dat kon toen bij het tweede elftal van Viboa.’ Alssema kwam pas in het jaar 2016/2017 op eigen benen te staan als hoofdtrainer van de mannen. Dat was bij tweedeklasser Aduard 2000. ‘Voor mij was het cirkeltje toen rond. Ik was ooit bij Aduard 2000 begonnen als voetballer en keerde nu dus terug op het oude nest.’ Een succes werd zijn debuut als hoofdcoach niet. Dat was ook niet zo verwonderlijk, want door een gewijzigde regeling was Aduard 2000, toen nog onder trainer Rob Vliek spelend, vanaf een zesde plaats in de eindrangschikking naar de tweede klasse gepromoveerd. ‘We zijn het jaar daarop gedegradeerd. Daar keek niemand van op. De club ging in dezen ook voor ontwikkeling van de groep.’ De intentie was volgens Alssema om de twee daaropvolgende jaren derdeklasser te blijven en dat lukte de Aduarders. In het seizoen 2019/2020 maakte Alssema de overstap van Aduard naar SIOS, dat toen in de 4e Klasse D van het zaterdagvoetbal speelde. Na zeventien wedstrijddagen werd er een streep door de competitie getrokken vanwege de coronapandemie. SIOS stond op dat moment op de zevende plaats. Geen lekker gevoel voor een, bij een nieuwe club, beginnende trainer. Het zou een jaar later niet veel beter worden. Toen was het na enkele wedstrijden al gedaan met het competitievoetbal en andermaal was COVID-19 de boosdoener. SIOS haalde negen punten uit de drie gespeelde wedstrijden. Er zouden geen punten meer aan toegevoegd worden, want de competitie werd niet meer hervat. Ook het tweede jaar van Alssema bij de Sauwerders gaf dus weinig aanleiding tot voldoening bij zowel club als trainer. Dit seizoen liggen de kaarten iets anders. Er werd tot kort voor de feitelijke winterstop nog wel gespeeld, maar corona had op dat moment al flink om zich heen geslagen. SIOS, en met hen vele andere clubs, ondervonden aan den lijve wat voor impact de pandemie had. Daar is eigenlijk weinig aan veranderd. Het voetbal ligt andermaal op zijn gat. Alssema: ‘Het is nu allemaal nog wel te overzien, maar als we straks weer drie maanden met twee- en viertallen moeten sporten en geen competitie spelen? Ik denk dat de motivatie van menig sporter dan flink zal dalen. In dat geval moeten we creatief zijn en aan het omdenken blijven.’ Waar het einde van de tunnel zich bevindt? Niemand weet het, ook Alssema niet. De vele afgelastingen hebben in diverse klassen tot scheefgroei geleid, al mag SIOS wat dat betreft nog niet klagen. Zeker niet als men naar de positie op de ranglijst kijkt. Met een duel en drie punten minder dan koploper Middelstum en een achterstand van twee punten op achtervolger Mamio staan de Sauwerders er prima voor. Het enige manco van de Hogelandsters is dat ze op beslissende momenten de punten nog wel eens laten liggen. Neem bijvoorbeeld het thuisduel tegen Mamio, waarin een 3-0 voorsprong werd verspeeld (3-3). Of de uitwedstrijd tegen het Leenster FC LEO, toen men met 0-2 aan de leiding stond, maar op de meet slechts een punt (2-2) mocht bijschrijven. Kostbare slippertjes, die er in ieder geval mede voor hebben gezorgd dat niet SIOS, maar Middelstum momenteel de trotse koploper in 4C is. ‘Het is soms lastig te verklaren hoe dat komt. Ik denk deels vanuit de angst om niet te willen verliezen, waardoor je in het veld onjuiste keuzes maakt en eigenlijk ongelukkige momenten in wedstrijden creëert die niet nodig zijn. Het is jammer dat dit gebeurt, maar het zijn ook weer mooie leermomenten waar we in de tweede helft van het seizoen mee aan de slag kunnen’, vindt Alssema. De Winsumer is van mening dat de Sauwerders kwaliteiten genoeg in huis hebben om een klasse hoger te kunnen spelen. ‘Ja dat kunnen we zeker. Daar ben ik van overtuigd. Je moet niet vergeten dat bijna alle clubs in de vierde klasse, enkele uitzonderingen zoals SIOS daargelaten, van oorsprong ervaring in de derde klasse hebben opgedaan. Waarom zouden wij er dan niet tussen passen? Het lijkt me geweldig om dit bij SIOS te kunnen realiseren. Dat zou dan een nieuwe hoogtepunt zijn bij de club. Om dit doel te bereiken moet er nog veel werk worden verricht. Zullen sommige spelers meer uit zichzelf moeten zien te halen. Spelers die nog lang niet aan hun plafond zitten. Alssema: ‘Ja dat ben ik met je eens. Er zijn meerdere spelers binnen de selectie waar heel veel potentie in zit. Dat komt af en toe naar boven drijven. We moeten er aan werken dat hier meer continuïteit in aangebracht wordt. Op die manier zullen we bepaalde wedstrijden ook gemakkelijker naar ons toe kunnen trekken.’ Zoals reeds gememoreerd, SIOS staat er momenteel prima voor en misschien gloort er aan het einde van het seizoen wel iets moois. ‘We zullen er alles aan doen om zo hoog mogelijk te eindigen. De Intentie is er in ieder geval wel. We doen nog volop mee in de race om de titel. Ik hoop wel dat iedereen fit blijft, want erg ruim is onze selectie nou ook weer niet. Mochten we naast het kampioenschap grijpen, dan hopen we op een toetje in de vorm van een periodetitel. Kijken of we dan kunnen stunten. Of dat lukt is sterk afhankelijk van de tegenstanders die je in de nacompetitie treft. Maar goed, er is al wel vaker gebleken dat daarin veel mogelijk is.’ Buiten dat spreekt Alssema de hoop uit dat er straks weer gevoetbald kan worden op de manier zoals het spelletje eigenlijk behoort te worden gespeeld. Onder het toeziend oog van de kritische fans. ‘Je speelt niet alleen voor jezelf, maar ook voor het publiek. Dat hoort bij de club en moet langs de lijn staan. Wat zou het mooi zijn als we straks weer na afloop van een wedstrijd met z’n allen een lekkere derde helft in de kantine kunnen pakken. De saamhorigheid en gezelligheid terugvinden die we met z’n allen de afgelopen twee jaar hebben gemist.’